Nimbochromis livingstonii

Man: livingstonii
Man  (c) Marian
Vrouw: livingstonii
Vrouw  (c) Marian
Nimbochromis livingstonii Een rover "pur sang". Vrij forse soort, met een zeer typische tekening (zie gedrag). In de broedtijd kleuren de mannen diepblauw, de vrouwtjes houden het "koeienvlekken" patroon. Grootte: Ze worden tot 25 cm groot, de vrouwtjes blijven iets kleiner. Karakter en gedrag: Rustige, niet agressieve vis. In het broedseizoen zal de man tijdelijk een flink deel van de bak claimen en wat fanatieker andere soorten wegjagen. Het is een zeer efficiente rover met een typische jaagtechniek: ze gaan voor dood op hun zij liggen, en doen alsof ze een rottend lijk zijn (de vlekkentekening versterkt dit beeld). Als nieuwsgierige visjes een hapje willen nemen van de "dode" vis slaan ze razendsnel toe. Houdt er rekening mee dat ze vissen aankunnen tot zowat een derde van hun eigen lengte, ze hebben een enorme muil. Kweek: Zoals alle Malawi cichliden is dit een maternale muilbroeder. Na de bevruchting komt de man er dus niet meer aan te pas, de vrouwtjes broeden de eieren en larven uit. Ze kennen nazorg, waarbij de jongen nog terug in de bek worden genomen bij gevaar. Voeding: Zie ook bij gedrag, dit is een piscivoor, een viseter dus. In het aquarium vreten ze echter alles: mysis, garnalen, mosselen, spiering, sprot, garnalenmix, granulaat, maar ook spirulina. Aquarium: Gezien het formaat van de vis een ruime bak, minimaal 600 liter. Kantlengte lijkt wat minder van belang, het zijn geen drukke zwemmers, maar 180cm lijkt toch een praktisch minimum. Wel een flinke filtering, zandbodem. Als je het jaaggedrag wilt zien zullen er wat rotspartijen moeten zijn waartussen jonge visjes gaan schuilen. De Livingstonii heeft dit snel door. Gezelschap: niet al te kleine vissen, overwegend Utaka, andere rovers. Met grote dank beschreven door Serge Spitters